Low quality sentence examples
David heeft nieuws.
David heeft z'n rijbewijs.
David heeft een wapen!
David heeft me tas.
David heeft een verhouding.
David heeft een kind.
David heeft een familie.
David heeft de leiding.
David heeft weer schoongemaakt!
David heeft hulp nodig.
David heeft tienduizenden vermoord!
David heeft 'm vermoord.
David heeft het bijna gehaald.
Henry, David heeft geheugenverlies.
David heeft een huwelijkscadeau.
David heeft juist Goliath verslagen.
David heeft locatie drie bereikt.
David heeft gewoon een dag.
David heeft controle over Chicago.
David heeft je sms ontvangen.