Low quality sentence examples
Je liet te los, denk ik.
Meten niet het te strak of te los.
Zitten ze te strak of te los?
De moeren van de scharnierankers zitten te los.
Knijp alsjeblieft niet te strak of te los.
Regular-fit Niet te los, niet te strak.
De snaren op de handbogen waren te los.
En als je hem te los vasthoudt.
Te los. Zit hij zo goed?
Hangt die niet een beetje te los?
Juli-14 augustus: Olympische Zomerspelen 1932 te Los Angeles.
Het zit nog te los in het kruis.
Helaas, te los, wiebelt in de groeven Serkan.
Hou het te los vast, en het vliegt weg.
Meet goed aansluitend en niet te los/te strak.
Draag geen helm die te groot is en te los zit.
Dus de nek belandde te los.
niet te los.
Houd het hele lichaam ontspannen maar niet te los.
Controleer de kabels of ze niet al te los zijn.