Low quality sentence examples
Je wezen heeft geen grenzen.
Elk wezen heeft een eigen identiteit.
Elk levend wezen heeft wezenlijk.
Het verschil in wezen heeft drie banen.
Elk levend wezen heeft een materieel lichaam geaccepteerd.
Het wezen heeft junk mail filtering gereedschap in.
Elk wezen heeft een prijs.
Dat wezen heeft geen DNA.
Dit wezen heeft dat zeker.
In wezen heeft Harry gelijk.
Dit wezen heeft 'n huidskelet.
Geen ander wezen heeft dat.
In wezen heeft hij gelijk.
Mijn wezen heeft twee ogen.
Het wezen heeft geen lichaam.
Het wezen heeft gif ingespoten.
Dit wezen heeft een brein.
Dat wezen heeft geen DNA.
Elk levend wezen heeft een lot.
Elk wezen heeft een zwakke plek.