Voorbeelden van het gebruik van Dat begrijpen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Dat begrijpen we, maar we moeten hem nu spreken.
Dat begrijpen we. Oké.
Dat begrijpen we. Het is moeilijk.
Dat begrijpen we voIkomen.
En dat begrijpen wij, Faustino.
Dat begrijpen we.
Dat begrijpen wij.
Dat begrijpen we. Het is zwaar.
Dat begrijpen we.
Dat begrijpen we, Jessica.
Dat begrijpen we, liefje.
Dat begrijpen ze wel. Het is belangrijk.
Dat begrijpen we, maar deze vrouw werd ontvoerd en vermoord.
Dat begrijpen ze niet.
Welnee, dat begrijpen we volkomen.
En dat begrijpen ze.
Dat begrijpen we, mevrouw.
Ja, dat begrijpen we.
Kun je dat begrijpen in je kleine villa, Carpentier?
Dat begrijpen veel mensen niet.