Examples of using Bestraf in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Ecclesiastic
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik bestraf je omdat je mijn vriend helpt met liegen tegen me.
Bestraf, dreig, vermaan met alle lankmoedigheid en leer.
Bestraf uw vriend, want dikwijls geschiedt er ijdele lastering.
Als nu uw broeder tegen u zondigt, bestraf hem.
Zend dan de Israëlieten met ons weg en bestraf hen niet.
En ik denk dat ik haar sindsdien bestraf.
In de naam van Jezus Christus bestraf ik jullie en gebied jullie te zwijgen;
En bestraf hem, satan, met Gods kracht,
Onze Heer, bestraf ons niet als wij vergeten
Onze Heer, bestraf ons niet als wij vergeten
Indien uw broeder zondigt, bestraf hem, en indien hij berouw heeft, vergeef hem.
Bestraf die zondigen in tegenwoordigheid van allen,
O Heer! bestraf ons niet, indien wij door verzuim
JezusChristus' naam, bestraf ik u, satan, als Gods eigendom!
Bestraf die zondigen in tegenwoordigheid van allen, opdat ook de anderen vreze mogen hebben.
En dankbaar zijn voor je mildheid. Bestraf hem mild, en hij zal zijn plicht goed vervullen.
Wij zeiden:"O, Zol-Qarnain, bestraf hen of behandel hen met vriendelijkheid.".
En sommigen van de Farizeeën uit de menigte zeiden tot hem: Leraar, bestraf je leerlingen!
En dankbaar zijn voor je mildheid. Bestraf hem mild, en hij zal zijn plicht goed vervullen.
Die Ik liefheb, bestraf Ik en tuchtig Ik; wees dan ijverig en bekeer u.