Examples of using Bick in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Jeff Bicks begon zich af te vragen wanneer God zijn lijden wilde beeindigen.
Dan Bicks is een imbeciel.
En dat is hoe het ongelukkig huwelijk van Jeff en Daphne Bicks eindigde.
Weet je:'de Clay Bicks Show is voorbij.
Met die foto's van hem en Kevin Bicks.
Bel Dan Bicks.
Daarom vraag ik m'n vriend Kevin Bicks om met jou te schrijven.
Vader, dit is Keven Bicks een collega van me.
Luke wil dat ik met Kevin Bicks schrijf.
Waarom er soorten gezuiverd worden zonder dat Seb dat weet. Bicks standpunt kan ook verklaren.
Maar helaas, Jeff Bicks ontdekte al gauw dat er veel meer nodig zou zijn dan een baan.
We geconfronteerd met een groot genoeg dreiging om ons te vegen van de aarde. en nog bicker we over een masker of een uniform.
Ik weet niet wat voor label ik overhoud met die foto's van hem en Kevin Bicks.
Ik weet niet wat voor label ik overhoud met die foto's van hem en Kevin Bicks.
Welterusten, Bick.
Wel je kent Bick.
Maar weet je, Bick?
Hoe kende u onderofficier Bick?
Ging Bick naar huis?
Luister dat is Violet Bick!