Examples of using Goof in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Max Goof's vader, Goofy!
De skateboarder voor Gammas is… Max Goof's vader, Goofy!
Twee"goofs" oké.
offertes en goofs op IMDb.
Hij blies toen wat men noemt de'goofer dust' op mij…
Opzij, Goof.
Ja, Mr. Goof.
Kom op, Goof.
Zo vader zo Goof!
Ik weet het niet, Goof.
Hé, het is de goof.
Max Goof komt in actie.
Je hebt het geprobeerd, Goof.
Ze noemden hem"Goof","Goofy.
Max Goof: de zoon van Goofy.
Broer Goof.
Deze zijn door Goof verwerkt en geïnterpreteerd.
Ja. Kijk op de kaart, Goof.
Het wordt al jaren overgegeven van Goof op Goof op Goof. .
Wat?- Je hebt het geprobeerd, Goof.