Examples of using Hardison in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Hardison, die kamer met de kluis, hè?
Zijn Eliot en Hardison klaar?
Hardison kon ons niet hacken met 'n computer,
Terwijl Hardison op zijn uitnodiging voor dat naaiclubje wacht… doe ik mijn ding.
Hardison eet wel oud snoep in de bus.
Hardison, je bent zeker begraven… in de buurt van het uitvaartcentrum.
Hardison, laat me weten zodra hij toegang zoekt tot deze rekeningen, zodat Parker kan doen wat ze moet doen.
Nu loop ik waarschijnlijk vast, doordat ik ervoor probeer te zorgen dat Hardison niet failliet gaat.
Welterusten, Hardison.
Hardison, levering!
Hardison, opties.
Goedemorgen, Hardison.
Hardison heeft TSA-badges.
Kom op, Hardison.
Hardison, kom op.
Nietwaar, Hardison?
Verkeerde kant, Hardison.
Breng het naar Hardison.
Hardison, help haar.
Ze gaan Hardison vermoorden.