Examples of using Koest in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ze houden alle andere beesten koest en delen het werk uit.
Ik wil dat je iemand ontmoet.- Koest, jongen.
We houden ons even koest.
Kom op. Ze houden zich niet lang koest.
Waar is Brenda? Koest.
Hij wordt niet graag koest gehouden.
Wilde m'n boterham opvreten. Koest.
Wilde m'n boterham opvreten. Koest.
Heb je dat drankkastje gezien? Koest, Daphne.
Heb je dat drankkastje gezien? Koest, Daphne!
Koest. Hij hoort bij mij.
Allemaal, koest. Dit is niet eerlijk!
Hou je koest, Archer.
Dit is niet eerlijk. Allemaal, koest.
Je zou je koest houden zodat je een deel kon krijgen.
Teresa moet zich koest houden, vooral hier.
Teresa moet zich koest houden, vooral hier.
Je moet je koest houden.
Oke, maar laten we de artillerie inroepen en ons koest houden.
We moeten ons koest houden.