Examples of using Linton in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Mr Linton komt eraan.
Ze is met Linton getrouwd.
Hoever wil je gaan met Linton?
Edgar Linton, ga zitten.
Mr Linton komt niet zelf.
Ze trouwt toch niet met Linton?
Sorry, ik bedoel Mevrouw Linton.
Linton is een gevaarlijke gek, Liza.
Mevrouw Linton is ziek geweest.
Linton heeft alles aan mij nagelaten.
Niet duidelijk welke Linton dit is.
Bied Mr Linton je excuses aan.
Linton heeft het voor me gedaan.
Edgar Linton heeft me ten huwelijk gevraagd.
Blijf uit de buurt van Linton Barwick.
Je zult het niet lezen, Linton.
Hoe ver wil je gaan met Linton?
Dat Isabella Linton en ik geliefdes zouden worden.
De Linton Falls Brug bij Wetherby.
Vakantiewoningen in de buurt van Linton Zoo.