Examples of using Lou in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Lou. En Lucy. Walter.
Lou dacht dat ze nog een baan zou hebben.
Lou dacht dat ze een baan had.
Lou, dat zou super zijn.
Lou, met Meows hier.
Lou. En Lucy. Walter.
Lou, dat zou geweldig zijn.
Lou Gehrig. Hij is te laat voor de wedstrijd.
Lou Gehrig. Een kerel met een vrouw zoals jij.
Lou zei dat ik je niet langer als een kind moest behandelen.
Lou. ik doe mijn eigen werk.
Lou?- Ze is hier?
Lou zei dat ze het zou oplossen.
Lou?- Ze is hier.
Wat Lou je ook over mij verteld heeft,- Luister.
Wat Lou je ook over mij verteld heeft,- Luister.
Lou, dat gaat deze keer niet gebeuren.
Niemand kan Aari lou door die kamer slepen.
Lou, wat gebeurt hier?
Lou. En m'n moeder heet… Eva.