Examples of using Pepers in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Groene pepers, queso saus,
Augurken, pepers, ballen en koekoeken.- Bedankt.
Worst en pepers, twee grote.
Maar ik moet deze pepers uitladen.
Haal de pepers uit het water en dep ze droog.
Hete pepers eten!
Eetlepels serrano pepers, ontpit en fijngehakt.
Ik ga op zoek naar de augurken en pepers.
Daarom eet ik pepers.
Maar ik moet deze pepers uitladen.
Stuks van rode pepers Hoe om het te maken.
Er kunnen wel 50 pepers aan één plant komen.
Chipotle pepers staan bekend om hun rokerige smaak.
Groene pepers, azijn, knoflook, Thijm.
Twee rode pepers.
knoflook en pepers schoonmaken en fijnhakken.
Limoensap, knoflook en groene pepers geven een flinke oppepper.
Pepers, zand, bleek, een lepel.
Macaroni met hete pepers, rijst, zwarte bonen.
Verse pepers voor de grote regisseur.