Examples of using Razer in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Hij wil je eruit hebben… en The Razer binnen brengen. The Razer?
Razer Blad is bijgewerkt met een groter geheugen,
U heeft voor het eerst uw Razer BlackWidow TE Chroma V2 voor Razer Synapse aangesloten.
De gedachte dat Razer niet van me houdt neemt veel van mijn vermogen in beslag.
Het merk Razer heeft een geweldige set van muizen voor ontwerpers om hun behoeften.
Hong Kong miljardair Li Ka-shing, Razer van de bestaande investeerders opgenomen Singapore-eigendom Temasek Holdings
trouwens gelijk is aan de chip Razer, deze telefoon ontbreekt alleen de 120Hz-display, dat is niet iets
Razer, inladen.
Goed gedaan, Razer.
Razer helaas wel.
Razer… jij misschien.
Legioen leider Razer?
Jij ook, Razer.
Waar is Razer?
Te laat, Razer.
En Razer dan?
Deze smeerlap is Razer.
Razer, wat doe je?
Razer, ik wilde niet!
Razer, kijk uit!