Examples of using Seder in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
De Seder zal ze gaan doen met een vrouw die haar geadopteerd heeft als vrijwilligster.
bereidden het Toe Bisjvat seder ceremonie voor een seder zoals met Pesach, met liederen,
geen dag thuis en je bent onstabiel. Je hebt Seder verpest.
was het aangenaam voor haar, sprekend over de Seder en dat ze van gezelschap houdt
Geen insecten: Omdat seders speciale geuren kunnen uitstoten.
Een seder. Morgenavond.
Een seder. Een wat?
Waarom wil je een seder?
Mogen we een Seder hebben,?
Ik ben hier voor de Seder gekomen.
Ze nodigde je uit voor een seder.
Of willen jullie ons vergezellen in een seder?
Moet je naar een seder of zo?
Zei u:' Bel Tempel Beth Seder'?
Ik kom volgende Seder niet als jullie niet verhuisd zijn.
Seder, het feestmaaltijd die we nu eten.
Nou, ik ben wel eens naar een seder geweest.
Geen verplichting, maar wil je naar onze seder komen vanavond?
Ken je die van die blinde bij de seder?
Met Pesach in opkomst zulen miljoenen Joden rond de Seder tafel zitten.