Examples of using Sokken in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik wil rode sokken.
Z'n sokken zijn volgens kleur gesorteerd.
Maar ik wil sokken.
Suikererwtje, we verkopen alleen maar een paar gestolen sokken.
Bekijk product Grijze kinder-sneaker sokken met kitten print.
Moeder! Wat? Ik heb zwarte sokken nodig.
Sommige moeders breien sokken.
Bekijk product Blauwe kinder-sneaker sokken met uilenprint.
Moeder! Wat? Ik heb zwarte sokken nodig.
Hij moet nu alle sokken vullen voordat het licht is.
Dit is de nieuwe en verbeterde versie van de anti-blaren sokken van Hilly.
Nee, Iris, niet met je sokken.
White Falke sokken gemaakt van hoogwaardig,
Je hebt de saaiste collectie sokken in de hele wereld.
Ook voor Kieran. En sokken en een broek!
Sokken, lakens en kussenslopen.
Gast, ik ben niet de hoeder van mijn broeders sokken.
Ja. Ik ben ook een paar sokken aan het breien voor Fred.
Alle sokken worden gevuld.
