Examples of using Sprint in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Mensen hebben ook wel eens hun sprint avonturen uitgevoerd op het strand.
Vertrouw op deze hoodie als je 's ochtend de deur uit sprint.
Sprint om de vijf minuten 30 seconden lang voluit.
Dat was een helse sprint van 40 meter.
Een pass en een sprint van Camion.
Dit is een historisch moment in de geschiedenis van de sprint.
En ik heb nog steeds het record voor de 100 meter sprint.
Sprint langs de zijlijn… Daar gaat hij door de linie.
Dit is een marathon, geen sprint.
Als atleet was hij gespecialiseerd in de sprint.
Sprint hen achterna.
Eerste plaats, 100 meter sprint, 2e klas.
De andere etappes in de eerste week eindigden in een sprint.
Opgelet voor de start van de sprint.
I kan je nu verslaan in een 40 meter sprint.
Op een quad krijg je dezelfde adrenaline als wanneer je sprint.
Waarneer de speler sprint, wordt de voedselbalk sneller geleegd.
Als atleet was hij gespecialiseerd was in de sprint en het verspringen.
Kijk, het is een marathon, geen sprint.
Meter 100 meter de beste op de 100 meter sprint race.