Examples of using Vuilak in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik zei toch dat hij een vuilak was?
Die vuilak daar.
Joe is een vuilak, maar geen moordenaar.
Een vuilak sms'te me.
Wil je die vuilak echt martelen?
Wil je die vuilak echt martelen?
Deze vuilak is een dief!
Deze vuilak en de andere drie moesten dood.
Ik was 'n vuilak.
Omdat hij een vuilak was.
Mijn vader is analfabeet, vuilak.
Wat zei je, vuilak?
Jij, vuilak.
Wat doet de vuilak hier?
Ik ben z'n vrouw. Vuilak. Gore.
Ik ben z'n vrouw. Vuilak. Gore.
is het een vuilak. Goed.
Ja, soms is hij een vuilak, maar hij is veranderd.
Ja, soms is hij een vuilak, maar hij is veranderd.
Je neef is een vuilak.