Examples of using Winkel in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Deze winkel is veel te groot.-Nee.
Shopping List is een van onze geselecteerde Winkel Spelletjes.
Geertje is geboren omstreeks 1892 in Winkel.
Ik ben in een winkel en ik zing.
Hij is in mijn winkel op Cherry Street.
Geschikt voor woning, winkel, kantoor of openbaar gebouw.
Wij zijn een winkel waar NTER sterkere industriële schenkingen, schoeisel, Meer….
In de winkel kost ie 't dubbele.
Shopaholic: Rio is een van onze geselecteerde Winkel Spelletjes.
Producten getagd met Cam Cam Copenhagen winkel.
Ik moest dit boek in de winkel kopen.
De volgende dag was u in mijn winkel.
Thee winkel in Pafos en zijn omgeving?
Hij is een assistent-manager van een winkel in duurzame goederen… op High Street.
De winkel stuurde de films op.
Shopping Streets is een van onze geselecteerde Winkel Spelletjes.
Producten getagd met winkel.
Nee. Dit is mijn winkel.
Dit is het beste in onze winkel.
Een winkel wel.