Examples of using Wolfshond in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Nieuwe dieren: nieuwe eenheden van de mastiff en de wolfshond zijn toegevoegd, evenals een nieuwe neushoorn.
We zaten deze kleine dame te vertellen dat… we haar dankbaar zijn dat zij onze wolfshond heeft gevonden.
Je hebt schone kleren… een kleine hummel en een jonge wolfshond als huisdier.
Het kruisen van wilde dieren met huisdieren zoals wolfshonden zou verboden moeten worden.
Wolfshond. Pak het kind!
Waar was je, Wolfshond?
Zo heette z'n wolfshond.
Zo heette z'n wolfshond.
Hoe weet je dat? De wolfshond.
Hoe weet je dat? De wolfshond.
Wie heeft je dat geleerd, Wolfshond?
Waar is hij die zich Wolfshond noemt,?
McLeods informant, die'wolfshond'… zoek hem.
Ik geef je deze flacon, Wolfshond.
Weedon neemt de wolfshond mee naar Californië.
Wolfshond… ze doden wolven… ze zijn groot,
De enige die ik ze heb horen noemen is'de wolfshond'.
Blij met de oplossing leegt Tork zijn glas en vertrekt met de wolfshond.
Kazachse Wolfshond.
n dappere, wijze wolfshond… een klein kind van wilde wolven.