BOUGHT ONE in Dutch translation

[bɔːt wʌn]
[bɔːt wʌn]
kocht een
buy one
purchase any
kocht er een
buy one
kocht er één
een gekocht
buy one
purchase any
kocht er eentje
heeft er een gekocht

Examples of using Bought one in English and their translations into Dutch

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Ecclesiastic category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Computer category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
There's no evidence he actually bought one.
Maar er is geen bewijs dat hij er één kocht.
I think one of the kids on the plane bought one.
Ik denk dat één van de kinderen in het vliegtuig er één kocht.
Jacob Martel, bought one of our black market cures.
Jacob Martel. Kocht een van onze kuren op de zwarte markt.
Don. Everybody bought one at the auction.
Don, iedereen heeft er een gekocht.
Car. He bought one yesterday.
Auto. Hij heeft er gisteren een gekocht.
I bought one for myself and my friend.
Ik heb er een gekocht voor mij en mijn vriend.
He bought one yesterday.- Car.
Auto. Hij heeft er gisteren een gekocht.
We bought one and left it there.
We kochten een en liet het er.
Have also bought one for my other horse.
Heb nu ook nog een aangeschaft voor Mn andere paard.
We bought one of the first stools Vroonland and Vaandrager made.
Wij kochten één van de eerste krukken van Vroonland en Vaandrager.
I bought one from catrice, for only €2,49.
Ik heb er een gekocht van catrice, voor slechts €2, 49.
Manuela bought one the day after, thank you Manuela and Reiner!
Manuela kocht men de dag na, dank u Manuela en Reiner!
We bought one for your father when he was your age.
We kochten er ene voor je vader toen hij zo oud was als jij.
I bought one horse and one house.
Ik kocht één paard en één huis.
He bought one gold eagle coin off of me, maybe two.
Hij kocht één goude adelaarsmunt van mij, misschien twee.
I bought one for a rehearsal and it sounds.
Ik heb er een gekocht voor een repetitie en het klinkt.
Vernon bought one encrusted with jewels.
Vernon gaf er een, ingelegd met juwelen.
I have never bought one," you have got a gay.
Ik heb nog nooit één gekocht', dan heeft u met een homo te maken.
We bought one, too.
We hebben er ook een gekocht.
Uh, Molly. I bought one of your purses?
Ik ben Molly, ik kocht één van je handtassen?
Results: 122, Time: 0.0446

Word-for-word translation

Top dictionary queries

English - Dutch