Voorbeelden van het gebruik van Afwasmiddel in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
vettige schoonmaakbeurten een zacht vloeibaar reinigingsmiddel zoals gewoon afwasmiddel.
Keukenhanddoeken, theedoeken, vaatdoekje, afwasmiddel en afwasborstel zijn aanwezig.
De doseerspuit moet onmiddellijk na gebruik met warm water en afwasmiddel worden schoongemaakt.
Voor dagelijkse reiniging moeten milde afwasmiddel en water voldoende zijn.
Cayennepeper, chilisaus, water en een theelepel afwasmiddel.
Waterstofperoxide gemengd met afwasmiddel.
ze alles snuift… zelfs afwasmiddel.
Waarom naar de dokter als je medisch advies krijgt waar je afwasmiddel koopt?
Weet je toevallig waar het afwasmiddel is?
Weet jij waar het afwasmiddel is?
Het afwasmiddel staat onder de gootsteen.
Dat is afwasmiddel en je hebt geen afwasmachine!
Gratis schoonmaakpakket, inclusief afwasmiddel, schoonmaakmiddel, spons en vaatdoek.
Afwasmiddel, koffiefilters, keukendoekjes
Vol met afwasmiddel en minerale oliën.
Geen shampoo, zeep, afwasmiddel.
Wast u vervolgens de mal goed schoon met afwasmiddel en droog deze goed.
Zoals zo'n handmodel in reclames voor afwasmiddel?
Hij dronk twee flessen afwasmiddel.
Vul een fles water met één deel afwasmiddel en twee delen water,