Voorbeelden van het gebruik van Alfred in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Alfred, dit is Barbara Gordon.
Je bent een hoer van de kroon van Alfred.
Alfred.-Goedendag, mevrouw.
Ik bescherm Alfred en Edward.
goddeloos en een vijand van Alfred.
Zij zeggen ook dat Alfred stervende is.
Ik zie de dood van Alfred.
Wat weet u van hem? Alfred Fellig?
Je hebt Mercia verkozen boven het koninkrijk van Alfred.
Nee, hij deed het voor Alfred.
Je onderschat hoe mannen terugdeinzen als ze voor de weduwe van Alfred staan.
Ik haat Alfred.
Ze is de vrouw van Alfred.
Nee, dank je. Alfred.
Ik moet met Bruce Wayne en Alfred Pennyworth praten.
Van wie? Van Alfred Hamilton.
Jawel, Alfred.- Nee!
Alfred. Wat een aangename verrassing.
Alfred. Wat doe je hier in die pak?
Alfred.-Goedendag, mevrouw.