Voorbeelden van het gebruik van Brant in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik ben Abraham Brant.
Jij ging met Brant.
Dat ik Brant heb vermoord.
Brant, ben je er?
Denk eens aan Mike Brant.
Hij zei dat Brant 't was.
Wat? De urn, Brant.
Tot Jason Brant hun feestje vergalde.
Hij dronk, Brant, en veel.
Zoek kolonel Brant en geef hem dit.
Geld. Waarom, Brant?
Miss Brant. Bezorg me een viool.
Brant vertelde iedereen wat er zou gebeuren.
Bezorg me een viool. Miss Brant.
Ik ben de moeder van Zoe Brant.
U moet Miss Brant zijn. Bedankt!
Miss Brant, daarvoor ben je niet aangenomen.
Op de terugweg kom je Brant tegen.
Brant is vast dol op het uitverkoren volk.
Miss Brant, daarvoor ben je niet aangenomen?