Voorbeelden van het gebruik van Chim in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Wees niet boos op Chim.
Kom op, Chim.
Chime met twee gongs geactiveerd door een schuifstuk in de zaak.
Gegevens van diverse stammen NS5A-replicons met volledige lengte of chimere NS5A-replicons die NS5A-genen met volledige lengte dragen die L31- of M31-polymorfismen bevatten.
Vooruit, Chim.
Voorzichtig, Chim.
Goed gedaan, Chim.
Chim. Ik rijd?
Blijven gaan, Chim.
Kom op, Chim.
Chim. Hij is dood.
Goed. Vooruit, Chim.
Gefeliciteerd, Chim. Nee.
Hier. Hé, Chim.
Zie je wat, Chim?
Ben je klaar, Chim?
We krijgen maar één kans, Chim.
Het komt goed. Chim?
Chim, zorg voor hem.
Even kijken. De autosleutels. Chim.