Voorbeelden van het gebruik van Chiropractor in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Bezoek je een chiropractor?
Waarom naar een chiropractor?
Lister heeft het huiszoekingsbevel voor Meeks' chiropractor.
Ik ging gisteren naar de chiropractor. Verrukkelijk.
Ga je weer naar die chiropractor? Ja, schat?
Had ik verteld van die chiropractor?
Kapitein Lister heeft het huiszoekingsbevel voor die chiropractor.
Ik moet naar de chiropractor.
Ik deelde de lift naar beneden met Len Martinez, chiropractor die op de vierde etage werkt.
Waarom? Omdat hij een baby gaat adopteren met z'n chiropractor.
Die stuurde hem naar een homeopaat en die naar een chiropractor.
Ga toch naar m'n chiropractor.
Wees blij dat je m'n chiropractor niet hoeft te betalen.
Kun je mijn chiropractor worden?
M'n rugpijn is verdwenen, dus 't scheelt mij een bezoekje aan de chiropractor.
Zegt de helderziende die dacht dat ie chiropractor was.
Ik heb het geleerd van een chiropractor in het steegje achter de nachtwinkel.
Stacy's chiropractor Susan heeft haar vader meegenomen… en hij werkte in de jaren 60 in de auto-industrie.
ik gezegd heb dat ik een chiropractor afspraak heb
Dus daar waren we, drie Darlenes in een bar… Seong-Mi Darlene, in het Koreaans ook Darlene…- O, ja. Mijn chiropractor.