Voorbeelden van het gebruik van De kassa in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik ga alvast naar de kassa.
Ze wil je zien bij de kassa.
Hoeveel heb je nodig?- Open de kassa.
Kom maar mee naar de kassa.
Dit is een overval. Open de kassa.
Hij opent alleen als je iets koopt. Open de kassa.
Hij heeft 't geld uit de kassa genomen.
Ze liggen onder de kassa in de middelste lade.
De kassa voor Burned Beyond Recognition is nu open.
Weet je, de rol in de kassa?
U kunt uw geld bij de kassa terugkrijgen.
Je zat met je handen in de kassa.
Of geld uit de kassa?
Hij wist dat de kassa dan tekort zou hebben.
De kassa of opdienen?
De kassa en de oorspronkelijke wisselkabines voor heren zijn verdwenen.
Wegen bij de kassa: alles draait om snelheid!
Nee, ook de kassa van een restaurant, en één auto.
Ze wandelt overduidelijk langs de kassa zonder te betalen.
Ik verstop friet in de kassa die mijn ouders vinden.