Voorbeelden van het gebruik van Farley in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Zijn naam is Farley Kolt.
Ik heb met meneer Farley gesproken.
Je bent beter dan Farley.
Zo was Richard Farley ook.
Faunia Farley, huishoudelijke dienst.
Dat krijg je niet, Farley.
Farley kreeg regelmatig allergie-injecties.
Mr. Farley heeft heel wat Indianen gedood.
Met Farley Grainger en Robert Walker?
Joe Farley stond voor je in.
Wij spreken Mr Farley nu aan.
Vertel me maar 'n mop, Farley.
In wat voor zaken zit Mr Farley?
Heb u rubberlaarzen, Mrs Farley?
Wat doen we met Farley Claymore?
Ik dacht dat Farley Kolt ze had.
Ik denk… dat Lester Farley waanideeën heeft.
Joan Farley is geen fan van haar.
Mr Farley zegt dat je dit moet voorlezen.