Voorbeelden van het gebruik van Fifi in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Naar de brand?- Fifi, kom onmiddellijk hier.
Een genoegen, zoals altijd. Fifi!
In Los Angeles zul je Fifi zien.
Fifi's is ingesloten door een dikke giftige slang.
Hij coachte het team onder andere tijdens een wedstrijd tegen Duitse prominenten en in 2006 tijdens de FIFI Wild Cup.
Onze kleine Fifi!
Fifi? Met wie?
Geen Fluffy en Fifi.
Rennen, Fifi, kom op!
Dokter, dit is niet Fifi.
Jij niet dan, Fifi?
Papa is dol op Fifi, nietwaar, Fifi?
Bucky heeft Fifi te pakken gehad.
Papa vindt je heel mooi, Fifi.
Alsjeblieft, Fifi. Niet rennen.
Ik geloof dat ik Fifi zie.
Ze wilden Fifi een contract geven.
Weenie. Fifi, kom op.
Is dat grappig bedoeld? Behalve Fifi.
Papa houdt van een beetje Fifi!