Voorbeelden van het gebruik van Jicht in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
M'n tante in Michigan had jicht.
Hij spreekt zeventien talen slecht en lijdt aan jicht.
Nee, ik lijd aan jicht.
Maar geen jicht.
Hij had al jicht.
De ziekte van een koning is jicht.
Zestien jaar later overleed ze aan jicht.
Ik heb jicht aan m'n pik!
Mijn vader heeft jicht, kan ik 1 miljoen dollar hebben?
Ik heb wel jicht en 'n darmstoornis.
Vervloekte jicht. Zelfs je kwalen overdrijf je.
Mijn hele familie had jicht.
Heb jij ook jicht?
Jicht komt vaak voor in combinatie met andere medische problemen.
Het risico op jicht ontstaat wanneer te veel urinezuur in het bloed aanwezig is.
Weet je nog dat ik zo'n jicht had dat ik niet kon lopen?
Jicht ofzo.
Jicht, doe je plicht. Doe me niet na.
Jicht is echt naar.
Met een geneesmiddel voor jicht. U had me niet gelukkiger kunnen maken.