Voorbeelden van het gebruik van Knoopje in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Het shirt heeft een watervalhals en knoopje in de nek en kan in de wasmachine.
Ik heb een knoop voor zijn neus.
U heeft een knoop verloren, Hoogheid.
Het was jouw knoop, Jackie!
Dus de knoop is de sleutel? Wacht.
De knoop is een sleutel.
Dat je een knoop verloor?
Nee, dat is een knoop.
Het was een knoop.
De eerste broek die ze me gaven had een knoop achterop.
Hopelijk ben ik de knoop niet kwijtgeraakt.
Of misschien was het een knoop.
Ik ben jaloers op deze knoop.
Vandaag is het 'n knoop.
Ik heb de knoop gevonden.
Later vond ze naast haar bed de knoop van een conducteursjas.
Ze hebben je knoop gevonden!
En een knoop.
Misschien kan spookmeisje ons vertellen waar de knoop is.
Hoe goed kun je de knoop verstoppen?