Voorbeelden van het gebruik van Mabel in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Mijn tante Mabel.
Mabel is een onopvallend meisje dat dolgraag populair wil zijn.
Sinds Mabel weg was.
Mabel. Waarom heb je niet met haar gedanst?
Dus ik zeg tegen Mabel, ik zeg… Dag, lieverd.
Je kent Mabel nog wel?
Mabel Calloway? Mabel Cartwright?
Herinner je je Mabel nog?
Is hier iemand die liever z'n carrière dan Mabel redt? Graag.
ben ik bij Mabel.
Je moet me helpen met Mabel.
Abby is een bijnaam voor Mabel.
We nemen diep bedroefd afscheid van Mabel Louise Cartman.
Wat ga je doen met Mabel?
Nog één dronk op Mabel.
Nog één dronk op Mabel.
Als je je zorgen maakt: Mabel en ik kwamen in Oregon… waar ik hertrouwd ben en de hoge leeftijd van 41 bereikte.
Luce, misschien kunnen jij en Mabel elkaar een beetje leren kennen… terwijl Oliver en ik ons volwassen zakenconversatieding hiernaast doen.
je nou wat vroeger komt, als we Mabel gaan zoeken.
jullie hier niet zijn als Mabel uit het ziekenhuis komt.