Voorbeelden van het gebruik van Riz in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Nee. Luister, Riz.
Riz, bekijk dit eens.
Via Riz. Ik kocht altijd drugs van Riz. .
Riz, Vannak, breek de linie!
Hoor je me, Riz?
Riz. Ze is mijn dochter.
Riz? Onze verdomde broer?
Hoe is het met Riz?
Riz, ik heb je.
Riz. Ze zakt weg!
Riz, Simon wil een kortingspooier zijn.
Riz. Ik help je, broer.
Riz… Geef hem wat te eten.
Waar ga je heen, Riz?
Blijf weg, Kai. Riz.
Vannak, Riz, doorzoek het schip.
Ik kocht altijd drugs bij Riz. Via Riz. .
Blijf weg, Kai. Riz.
Alsof Riz op ons neerkijkt in een nachtjapon.
Kom, Junior. Tot ziens, Riz.