Voorbeelden van het gebruik van Schaatsen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hou de schaatsen. Goed dan!
Clas Thunberg begon pas op relatief late leeftijd(18) met schaatsen.
Maar jullie kunnen wel samen schaatsen.
Wat voor schoenmaat heb je? Mooie schaatsen.
We leren ze schaatsen.
Ze begon op vierjarige leeftijd met schaatsen.
Niemand kon schaatsen tot hij klaar was.
Dan gaan we schaatsen halen. Kom mee.
Innsbruck 1964 Richard McDermott won goud op de 500 meter bij het schaatsen.
te volgen route"schaatsen.
Dank je. Van wie heb je dat schaatsen geleerd?
Nog nooit echte schaatsen gezien?
Tot morgen. Schaatsen, hè?
Ik zag die tape op de schaatsen van Cory, was dat jouw werk ook?
Ze wilde alleen over schaatsen praten.
Toen je vroeg om te gaan schaatsen, dacht ik echt
Jullie willen weer samen schaatsen.
Het waren niet de schaatsen.
Het is net schaatsen.
Misschien is zij jou paar schaatsen?