Voorbeelden van het gebruik van Winkeltje in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Er is daar een winkeltje.
Is die worst van dat winkeltje in Garfield?
Ik moet even bij dat winkeltje zijn.
Hij gaat dat winkeltje in.
Is er een winkeltje?
Willie Wonka begon met een winkeltje in Kersenstraat.
We gaan rustig naar dat winkeltje.
Er is daar een winkeltje.
Er is 'n winkeltje om de hoek.
De kamer achter het winkeltje in Andover.
Winkeltje voor eerste levensbehoeften Seizoen alleen.
Het authentieke winkeltje met een honderdjaar oud interieur verkoopt allerlei ouderwetse en nostalgische producten.
Samen met haar familie woonde ze ooit boven dit kleine winkeltje.
Bij het winkeltje van de benzinepomp. Ik herhaal:
Het omvat een klein museum, een winkeltje, een bibliotheek, een vergaderruimte en een kantoor.
Wie runt dan dat winkeltje waar je nooit komt?
Ik weet een winkeltje waar Mrs. Mcllenny 7.
Er is geen winkeltje voor, zoals bij de FBI.
Ik wilde een winkeltje openen bij de haven.
Dus omdat jij winkeltje speelt.
