Voorbeelden van het gebruik van Bewoonster in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Eén bewoonster drinkt wijn,
Ik als bewoonster, jij als manager.
De bewoonster heeft hartproblemen.
Dit is voor een kleinzoon van een bewoonster in het zorgcentrum waar ik werk.
Villa Emma is genoemd naar de eerste bewoonster.
Dit is een volwassen bewoonster van Boranis 3.
De bewoonster van dit huis, Kayla James,
Bewoonster van het huis en Nederlandse vriend verhuren dit huis in authentiek dorp in het zuiden van de Peloponesos.
Ik ontmoette een bewoonster, Winifred, Ze wilde graag weg daar,
De bewoonster komt uit Sichuan
De bewoonster zag ondertussen dat meerdere mensen met een Chinees uiterlijk bij de buren naar buiten kwamen
Maar als ze een bewoonster is van deze stad verbaast het me niet dat ze ziektes draagt.
Ik ging er anders door naar mijn buurt kijken', zegt bewoonster Laura Dumas.
32 toeristen, waaronder 17 Zweden, en de bewoonster van het appartement boven de boekhandel.
Twee was een tijdje een concurrent tot ik iedereen vertelde… dat de bewoonster op de wachtlijst heeft gestaan.
De bewoonster, Angela Nelson, was getrouwd met Marcus West.
waaronder 17 Zweden, en de bewoonster van het appartement boven de boekhandel.
de droom van bewoonster Daniëlle.
badkamer met nog 1 andere bewoonster.
een verpleegkundige vindt om 7u een bewoonster op het toilet die wacht op haar verpleegkundige.