Voorbeelden van het gebruik van Brenton in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Met Mr. Brenton.
Brenton was geen King.
Wie doodde Brenton?
Jij en Brenton.
Ik heb Brenton teleurgesteld.
Jij en Brenton?
Brenton lag naast me.
Ik ben meneer Brenton.
Brenton was niet zo.
Laat Brenton dan weten.
We zoeken Doug Brenton.
Brenton was niet zo.
Maar niet voor Brenton.
Ze zien Brenton niet.
Maar Brenton dan?
Dat zag Brenton ook.
Brenton lag in een greppel.
Wist jij het van Brenton?
Brenton Butler is overleden.
Brenton was gek op ze.