Voorbeelden van het gebruik van Goody in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Goody heeft me de les al gelezen. Ik weet niet of ik nog wat kan bereiken.
Goody heeft me de les al gelezen. Ik weet niet of ik nog wat kan bereiken.
Goody heeft me de les al gelezen. Ik weet niet of ik nog wat kan bereiken.
Je gaat op de vloer liggen totdat Goody zegt dat je overeind mag.
We bieden goody's, sandwiches en beste koffie.
Ik ben best wel fan van een fastfood restaurant'Goody's'.
Agent Goody?
Zwijg, Goody.
Goody heeft gebeld.
Hij speelde Woody Goody.
Kom op. Goody.
Kop dicht, Goody.
Deze kant, Goody!
Is Goody altijd zo?
Achteruit, Goody Goose.
Goed gerekend, Goody.
Dat sulletje heet Eddie Goody.
Goody, ik heb nagedacht.
Goody. Hang in there.
Goody ziet alleen de vorm.