Voorbeelden van het gebruik van Russin in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Een Russin. En de afranseling?
Dus die Russin is een natasja?
We mochten de Russin zien van je moeder.
Een Russin moet makkelijk een liter vodka kunnen drinken.
Een Russin moet makkelijk een liter vodka kunnen drinken.
Tina vertelt dat ze eigenlijk Russin is, uit Krasnodar.
Ze heet Tatiana Sharipova, een Russin.
Je vond Scofield en Burrows door die Russin?
Wat doet die Russin hier?
Twee gorilla's en een Russin.
Ik heb een erg opgewonden Russin aan de lijn.
Het was die Russin.
We geven je een Russin, oké?
Moet ik laten zien hoe een Russin wodka drinkt?
Zij was tevens de eerste Russin die het toernooi won.
Is zij toevallig die Russin?
Welke vrouw? Een Russin.
En de afranseling? Een Russin.
En de afranseling? Een Russin.
Van GromCorp. Het bedrijf van de Russin.