Voorbeelden van het gebruik van Sasja in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Sasja, probeer even buiten de vaste kaders te denken.
Lieverd. Sasja, lachen!
Sasja visualiseert nu wat er gebeurt als je geen visionboard maakt.
Sasja Belov is zijn vader.
Sasja heeft me niets verteld.
Sasja, hoe noemde de motivatiecoach jou ook alweer?
Onafhankelijkheid van Sasja Belov.
Sasja Hunnego studeerde zang aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag bij Herman Woltman.
Sasja Grossman, alstublieft.
Zij studeert zang bij Sasja Hunnego in het tweede jaar van de bacheloropleiding.
Sasja, kom! Mijn orkest!
Ging ze met Benard, Jan, en Sasja wandelen.
Sasja, maak het schip klaar.
Ja, jullie denken: iemand als Sasja kan toch nooit premier worden.
Niemand weet hoe dit afloopt, Sasja.
Zijn de papieren er nog die Sasja achterliet?
Gefeliciteerd met je vrouw, Sasja.
Het antwoord is: Sasja Beli.
Gecondoleerd. Hallo, Sasja.
Sasja, doe dat pistool weg!