Voorbeelden van het gebruik van Troela in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik ben het zat om zo'n troela mee te slepen.
Als ik moet kaartlezen ben ik echt een troela.
Weet u nog hoe ze heette, die troela?
Weet u nog hoe ze heette, die troela?
Blij, troela?
Voor die slonzige troela?
Waar kruip je naartoe, troela?
Waar kruip je naartoe, troela?
Hoor je dat, troela?
Kijk dan, deze troela heeft me wit als sneeuw gemaakt.
Je moet die troela opbellen en om die auto vragen om de lijken te verplaatsen.
Misschien was het één van z'n troela's.
Maar dit gedoe werkt. Ik heb een kind van zes maanden, troela's, dus noem het wat je wil.
Dankzij die troela.
Ze heeft ons vernederd, schaamteloze troela. Waarom?
Ik ben tenminste geen troela zoals ene Lisa Belle Jones.
Ze heeft ons vernederd, schaamteloze troela. Waarom?
Ik ben het zat om zo'n troela mee te slepen.
De troela deed d'r benen wel open,
Ik wou die troela niet eens bellen en zij poeierde me af.