Voorbeelden van het gebruik van Trouwdag in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
En dat is voor het verpestenvan onze tweede derde trouwdag.
Jezus, wat ben ik een idioot. Trouwdag.
Ik kan niet geloven dat vandaag mijn trouwdag is.
Kirkin, dit is mijn trouwdag.
Sue, het is onze trouwdag.
Ik kan niet geloven dat het vandaag mijn trouwdag is.
Volgende week is onze trouwdag.
Je dronk met me op mijn trouwdag.
Lorna, het is onze trouwdag.
Het is m'n trouwdag, alsjeblieft.
En vandaag vieren we onze trouwdag.
Je dronk met me op m'n trouwdag.
Volgende maand zou onze trouwdag zijn.
Je dronk met me op mijn trouwdag.
We vierden onze trouwdag in Sayulita.
We vierden onze trouwdag in Sayulita.
Zoals je trouwdag of een belangrijk solicitatiegesprek.
Fijne trouwdag, schatje!
M'n trouwdag, als je het wilt weten.
Fijne trouwdag, trouwens.