Voorbeelden van het gebruik van Wegkijken in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Maar die zijn soms zo afschuwelijk, dat mensen wegkijken.
Jullie willen misschien wegkijken.
Ze moet wegkijken.
Portret van een jonge man met een grijns en wegkijken.
En dan kan ik lachen en wegkijken.
Blijf wegkijken.
Ik zal wegkijken.
Er is een verschil tussen wegkijken en naar iets kijken.
U moet wegkijken.
Niet meer wegkijken.
En nu wegkijken.
Nooit wegkijken.
Iedereen wegkijken.
Mevrouw Engel bleef wegkijken.
Portret van een gelukkige vrouw denken en wegkijken bij het ontbijt….
Zolang universiteiten blijven wegkijken, wordt dit probleem niet opgelost.
Wegkijken is niet juist.
Ik kan niet blijven wegkijken. Altijd.
We mogen niet wegkijken of teveel naar onze eigen belangen kijken.
Hoe kun je niet wegkijken, niet eens knipperen.