Voorbeelden van het gebruik van Bekir in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
En wij hebben een Bekir.
Je bent de lul, Bekir.
Bekir, wat doe je?
Hij was mijn Bekir, Oğuz.
Mijn boze, barmhartige Bekir.
En de ander is Bekir.
Bekir, Ze zijn weg.
Is Bekir bij je, sergeant Oğuz?
Bekir, Oğuz, wat is er?
Ik kan jou niet trekken, Bekir.
Bekir, wees stil en luister naar me.
Ik weet niets over geneeskunde, Bekir.
En kijk hier nu eens naar, Bekir.
Bekir, ga hem meteen halen
Ik heb Ongezouten Gekke Bekir gespeeld, Beberuhi.
Weet je wat ik me herinner, Bekir?
Ik wilde slechts Bekir niet alleen achter laten.
Spreid je armen Bekir en ren naar ze toe.
Bekir, heb je de zekering van de satelliet gerepareerd?
Bekir en Arif staan wacht. De anderen rusten uit.