Voorbeelden van het gebruik van Lepels in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
En ze hebben lepels gestuurd.
Aantal lepels.
Het had die grappige windbellen van vorken en lepels.
ze hier houten lepels hebben.
Dit zijn alleen maar lepels.
Phyllis, dit zijn lepels.
Ze heeft honderd lepels.
Ik heb hem de lepels leren spelen.
Ik zoek ook koloniaal glaswerk en lepels met de staten erop.
Werden bij die gelegenheden ook lepels met wilskracht gebogen?
En ik heb al een lange tijd geen lepels meer afgewassen.
Maar ze doet dat niet met lepels en vorken. Alleen messen.
Laat het kind te drinken een paar lepels, maar vaker.
Afgelopen zomer heb ik de kok betrapt op het stelen van de goede lepels.
Lepels, pollepels, vorken,
vorken, lepels.
Drie lepels per dag, telkens één bij
Plus vingers van een aap, een varkensmaag… en drie lepels suiker.
vorken en lepels.
natuurlijk wordt het niet aanbevolen om het op te eten met lepels.