Voorbeelden van het gebruik van Logeerkamer in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Ik heb een logeerkamer.
Perfect voor de logeerkamer, maar… ik weet niet.
Ze zijn in een zak in de logeerkamer.
Ik heb een logeerkamer en dan kun je eindelijk Lance ontmoeten.
Levon wordt nu ontmaagd door een hoer in de logeerkamer.
Heb je een logeerkamer?
Er is nog een knuppel in de logeerkamer.
Heb je 'n logeerkamer?
Ze is in de logeerkamer.
Is er een logeerkamer?
Is Keith verhuisd naar de logeerkamer?
Wat is er in de logeerkamer gebeurd?
Die is geen logeerkamer meer.
Kijk eens, hier lig je met Giorgio in de logeerkamer.
Is er 'n logeerkamer?
Die in de logeerkamer.
Heb je een logeerkamer?
Ik ga niet naar de logeerkamer.
De logeerkamer is daar.
Hij woonde in de logeerkamer van de flat waar Lucinda King stierf.