CAGA - vertaling in Nederlands

schijt
caga
mierda
al carajo
que le den
al diablo
defeca
churute
poept
defecar
cagar
caca
hacer caca
hacer popó
al baño
haciendo popo
kakt
cagar
poep
caca
mierda
popó
excremento
popo
heces
caga
poo
poop
poepen
defecar
cagar
caca
hacer caca
hacer popó
al baño
haciendo popo
verkloot
hij schijt
verpest

Voorbeelden van het gebruik van Caga in het Spaans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Si mi perro caga en la vereda, me dan 18 meses.
Als mijn hond nog één keer op de stoep schijt, krijg ik 18 maanden.
Son grandes noticias si un perro caga en el pavimento por aquí.
Het is hier groot nieuws als een hond op de stoep poept.
¡Porque esta es una ciudad en la que la gente caga en la calle!
Want dit is een stad waar mensen op straat poepen.
No necesito un bola de pelo ladrador que caga su peso cada media hora.
Ik wil geen keffertje die zijn lichaamsgewicht elk halfuur uit schijt.
Apagan la luz y parece un pequeño láser que se caga por todo el lugar.
Als het licht uitgaat is hij net een laser die overal poept.
El se llama Asqueroso. Porque se caga en todas partes.
Hij heet zo omdat hij overal poept.
¿Acaso un oso caga en el bosque?
Schijten beren in het bos?
Me molesta porque esta gente se caga en todo el mundo, incluida tú.
Je maakt me razend. Ze kakken op iedereen, jou erbij.
Come como un hipopótamo y caga como un elefante.
Eten als een nijlpaard en schijten als een olifant.
¿Quién caga con una caja en la mano?
Wie schijt er nou met een doos in z'n hand?
Y nadie caga en un vaso,¿vale?
En niemand schijt in een kopje, oké?
¿Tu tesorito nunca caga?
Poept jouw kleine schat nooit?
Él caga, tú cagas..
Als hij schijt, schijt je mee.
Si la caga, te vas a Leavenworth con él.
Als hij het verkloot, ga je met hem mee naar Leavenworth.
Ella duerme, come y caga.
Ze slaapt, eet en poept.
Se caga y se mea en todas partes.
Hij schijt en pist overal.
Y caga encima de la gente.
En hij poept op mensen.
¡Si no la caga en Zurich no cuenta!
Als hij niet schijt in Zurich, dan telt het niet!
El oso caga en el bosque no?
Een beer heeft lak aan het bos, hé?
El Rey caga y La Mano limpia.
De koning schijt en de Hand veegt.
Uitslagen: 123, Tijd: 0.1257

Top woordenboek queries

Spaans - Nederlands