Examples of using Azen in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ze azen op de zwaksten. Ze pesten.
Vier azen, Poker.
Mr en Mrs Azen, dit is Dr Abrams, Hoofd Neurochirurgie.
Wat is er gebeurd? Azen hoog.
Nietige mannen, azen op zwakte en onveiligheid.
Dit soort bewegingen azen op idealisten zoals jij.
Nou… Doza's Azen bemoeiden zich met mijn missie.
Vier azen.
Grafrovers, azen op de eenzame en nabestaanden.
Ze azen op de zwakke.
Nu ontmoet je twee azen in Bottleneck.
Drie azen.
Azen op de zwakkelingen.
Ze azen op zwakte.
Nu ontmoet je twee azen in Bottleneck.
Azen op de zwakken en zo.
De slavenhandelaars azen vooral op pelgrims zonder papieren.
Nee. Ik heb vier azen.
Een pak van laffe wolven azen op ongewapende schepen.
Ze azen op geesteszieken.