Examples of using Butcher in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Garrett the Butcher", 16e eeuw in Duitsland.
Ls Butcher bij jou?
Butcher groeide op met zijn ouders en twee oudere zusters.
The Butcher is ook geopend voor ontbijt en lunch.
Butcher had gelijk.
De Butcher van Kingsbury Run.
Butcher is neergeschoten.
The Butcher is op een of andere manier betrokken.
Bill de Butcher.- Op de Butcher.
Onze tip voor de betere burgers in de stad: The Butcher.
Onze tip voor de betere burgers in de stad: The Butcher.
Ik zie de Butcher.
Leeft Red de Butcher nog?
Ik heb een afspraakje met Sam The Butcher.
Vraag informatie over het kopen van deze foto A butcher shop in Sanaa Jemen.
Gasten kunnen genieten van een hamburger bij The Butcher Social Club.
Officier Woodhouse, dood Butcher en dan Stone.
Hij komt vast uit Cleveland en kende de verhalen over de Butcher.
Over een beruchte seriemoordenaar: De Butcher van Kingsbury Run.
Zet ze terug, Butcher! Butcher!