Examples of using Decker in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
En Decker?
We mogen Decker de bel aanbinden, maar we moeten hem vrijlaten.
Decker Junior was zeer medewerkend.
Decker heeft het hele gebied afgezet.
Decker komt eraan.- Inderdaad.
Decker stopt.
Decker. Niet'Decker-unit'? Fascinerend.
Decker afhandelen.
Decker wilde hem laten ontploffen bij de botsing om overlevenden te voorkomen.
Onderzoek Decker. Maar wees voorzichtig.
Decker kan haar al vijf jaar gevangenhouden.
Decker heeft dit gedaan. Het was Decker. .
Onderzoek Decker. Maar wees voorzichtig.
En Decker? lk hoorde dat hij een vrouwengek was.
Decker is dood. Trek het mes eruit.
Ik wou je de oude Decker verzekeringspolis achterlaten, mocht ik overlijden.
Decker is rijk, maar hij gaat ons niet kunnen helpen.
Maak ik het Decker wel eens makkelijk?
Decker heeft uren, geen dagen.
Decker heeft niet lang meer.