Examples of using Idealistisch in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Idealistisch, naïef, haar hoofd vol dromen.
Jonge werknemers worden vaak omschreven als idealistisch en waardegedreven.
In dit deel van de wereld kun je beter praktisch zijn dan idealistisch.
Het was dus zowel een idealistisch als een pragmatisch besluit.
Zij is idealistisch.
Vind je een pistool niet idealistisch?
Onvoorspelbaar; onrealistisch of bedacht. Extravagant idealistisch;
Het is idealistisch.
Je bent jong en gepassioneerd en idealistisch, nietwaar?
Martinez… is té idealistisch.
Hij was dol op het meer. Gevoelig, idealistisch.
Omdat jij jong genoeg bent om nog steeds idealistisch te zijn.
Elena is idealistisch.
Noem me idealistisch.
gevoel overdreven en idealistisch tot uitdrukking kwamen.
nooit voor als altruïstisch of idealistisch gemotiveerde dienaren van het imperialisme.
Aan de Middellandstraat in West vind je in een honderd jaar oude textielfabriek de Impact Hub, een idealistisch georganiseerd netwerk van zzp'ers en startende ondernemers.
proletariërs van Noord-Afrika en het Midden-Oosten de politieke resultaten verworpen van de bewegingen waarvan ze idealistisch hadden gehoopt dat die drastische veranderingen zouden brengen.
We zijn idealistisch maar voorzien onszelf niet van de middelen om die doelstellingen te bereiken.
Idealistisch gaat hij op zoek naar een morele code om naar te leven,